Tv-adverteerders die vijftien procent van hun budget naar online kanalen verschuiven, kunnen zeker zes procent extra bereik creëren.
Dat blijkt uit een onderzoek van Nielsen, Microsoft en Yahoo naar verschillende varianten van budgetallocatie (PDF). Met dit gegeven in het achterhoofd zouden merkadverteerders meer consumenten kunnen bereiken tegen een lagere prijs per individu.
Steeds meer mensen zijn gedurende de hele dag online. Tv-kijken gebeurt enkel op gezette momenten op een dag. Het online kanaal zorgt ervoor dat het bereik verbreedt en over een langere periode over de dag heen wordt verspreid. Het effect dat daaruit voortvloeit, is dat consumenten merken makkelijker herkennen en herinneren. Dat wordt nog groter als de adverteerder zijn campagne begint op online kanalen en daarna opvolgt met een tv-campagne. Mediaplanning en -analyse wordt daarom belangrijker, aldus het onderzoek dat bij IAB Amerika is gepubliceerd.
Consumenten blijken online reclame – mits goed getarget – niet storend te vinden. Twintig seconden is een acceptabel gemiddelde duur van een clip. Een kleine negentig procent van hen kijkt de webcommercials helemaal.
De gedachte achter het onderzoek is uit te vinden hoe adverteerders beter hun reclamegeld kunnen investeren. Het aantal tv-kijkers en de tijd die ze voor het scherm doorbrengen groeit amper meer. Het aantal mensen dat echter online video bekijkt, groeit nog steeds aanzienlijk. Het is logisch om tv-geld naar online te transponeren. De vraag die Nielsen, Microsoft en Yahoo willen beantwoorden is: hoeveel?





Foto: Jakob Montrasio (cc)
Bron: www.emerce.nl